Beknelde zwaan

Foto ingezonden door Joop KeizerNog een kans die ik kreeg om dieren in nood tijdens mijn training te helpen. Ik weet dat de meeste lopers hetzelfde hadden gedaan als ik, maar door verschillende omstandigheden had ik waarschijnlijk meer kans om deze dieren tegen te komen dan de meeste andere hardlopers. De grootste reden, omdat ik overdag trainde. Ik was vrij tussen 12 en 3 uur.

Nu zullen de meesten denken: "Die had het lekker makkelijk. Overdag trainen." Ja, dat is waar. Vooral ‘s winters nooit in het donker trainen. Geweldig. Daarentegen moesten mijn vrouw en ik ook wel weer werken van 15.00 tot 20.00 en ‘s morgens van 8 uur tot 12 uur. Wel natuurlijk met koffiepauze. Erg lange avonden hadden wij dus niet. Vooral ook omdat wij niet te laat naar bed gingen. Wij moesten ook weer vroeg op om alle kantoren te openen van het bedrijf waar wij als congierge-echtpaar werkten. TV-series waar bijvoorbeeld over gesproken werd de volgende dag waren ons volkomen vreemd. Wij zagen dat nooit. Nu wij echter van ons pensioen genieten missen wij bijvoorbeeld geen enkele aflevering van Little house on the Prairie.

Om een traingsloop in de mooie omgeving van Waterland te maken parkeerde ik de auto altijd op een gratis parkeerplaats even voorbij Durgerdam. Te vinden in Noordelijke richting vanuit Amsterdam. Gelijk aan het eind van het dorpje linksaf en meteen zie je aan je rechterhand een heel ruime vooral stille parkeerplaats waar je je ook nog makkelijk in alle rust kan omkleden. De training begint op een landweggetje dat richting Ransdorp gaat. Ook alweer zo’n prachtig karakteristiek dorpje met een voor dit kleine dorpje veel te grote kerk met een stompe toren, die hoog en vooral stoer boven alles uitsteekt. Wij gebruikten vroeger deze toren altijd als een baken als we op het IJsselmeer zeilden, want dan kwamen wij daarna precies uit op een geweldige natuurbaai in het IJsselmeer om daar te overnachten. Van daar uit kon ik ‘s morgens vroeg mijn trainingsschoenen aan trekken voor een avontuurlijke training in Waterland.

Foto ingezonden door Joop Keizer

Durgerdam

 

Terug naar de training waar dit verhaal over gaat. Alleen de eerste twee kilometers loop je twee keer:  op de heenweg het het laatste stuk op de terugweg. Op de heenweg zag ik op dat stukje nog net een zwaan onder een ijzeren hek kruipen. Ik schonk er echter verder geen aandacht aan. Ondanks dat er iets in me zei dat het wat eigenaardig leek. Nadat je door Ransdorp bent gelopen kan je kiezen uit verschilende afstanden. De afstanden worden bepaald welke dorpen je wilt aandoen tijdens je training. Je kan kiezen uit 20, 25, 30 of 35 kilometer.

De dorpen zijn buiten het genoemde Ransdorp ook Zunderdorp, Uitdam, Zuiderwoude, Broek in waterland en niet te vergeten de leukste volgens mij, Hollysloot. Hier houdt de wereld echt op en kan je komend met een auto alleen maar weer dezelfde weg terug. En dit allemaal onder de rook van Amsterdam. Echter ben je lopend of met de fiets dan kan je, alleen in de zomer trouwens, je reis nog vervolgen door in het dorp linksaf te gaan en als je daar dan ook niet meer verder kunt zie je aan de waterkant van een meertje een bordje met de woorden VEER. Daar hangt een grote koperen bel bij met een touwtje aan de klepel en als je daar aan trekt komt de veerman je over zetten voor 50 cent. Zelfs toen ik het geld eens vergeten had mee te nemen zette hij mij over met de woorden: "Ach, dat komt wel een keer". Je wordt overgezet met een soort platte roeiboot met een buitenboordmotor. Aan de overkant aangekomen, daar hangt ook zo’n bel, moet je nog over een paar slootjes met bruggetjes die eigenlijk bestaan uit veredelde planken met een leuning eraan gemaakt. Soms moet je even een schaap een aai geven om door te kunnen lopen. Daarna kan je nog steeds een keuze maken 25 of 35 km.

Foto ingezonden door Joop Keizer

Durgerdam

Bij mijn start had ik besloten om 35 km te lopen, dus na ruim een uur of drie onderweg te zijn geweest kwam ik weer op de plek aan waar ik de zwaan onder het hek had zien zitten.  Het overzetavontuur kost wel wat tijd. Ja hoor, daar zat ze nog precies in dezelfde houding als drie uur geleden. Met de nodige voorzichtigheid. omdat we allemaal wel de verhalen kennen dat een boze zwaan je een geweldige klap kan geven, heb ik de toestand bekeken. Ze zat muurvast onder dat grote zware ijzeren hek. Ik kon het hek met geen mogelijkheid optillen. Even radeloos om me heen gekeken. Ik wist echter niets anders te bedenken dan om te proberen de bovenkant van het beest naar beneden te drukken met mijn beide handen. Tevens naar voren te duwen. Het bleek het ei van Columbus. De grote vogel was vrij, maar bleek nog niet gered. Aan de andere kant van het hek bleef het beest net zo onbeweeglijk zitten als onder het hek en kon zich in het geheel niet oprichten of op zijn poten staan. Waarschijnelijk geheel uitgedroogd en vermoeid door de vele pogingen om onder dat hek uit te komen en wie weet hoe lang al. Misschien wel dagen. Ze kon nauwelijks haar lange hals omhoog houden. Ik moest snel wat doen, maar wat?

Van de paar langskomende fietsers kon ik ook niets verwachten, want die zwaaiden alleen terug als ik vroeg of ze wilden helpen. Voorzichtig opgetild en recht voor me uithoudend ben ik naar de sloot gelopen en heb haar heel voorzichtig in het water laten glijden. Vijf minuten gebeurde er niets althans zo lang leek het. Toen ging haar kop hel langzaam naar beneden om wat te drinken en om te slikken moest ze haar hals weer omhoog brengen. Wat met veel moeite gepaard ging. Dat slikken gaf een eng raar geluid. Waarschijnlijk door uitdroging van binnen. Dat geluid werd naarmate ze meer dronk steeds minder en uiteindelijk gingen haar poten zwembewegingen maken. Heel langzaam zwemmend bereikte ze het hoekje bij de dam om daar aan wat kroost te nippen. De laatste twee kilometer kon ik met een fijn gevoel afleggen na deze onderbreking.

© Joop Keizer – http://www.joopkeizer.com/